Big Pharma en ‘The Antidepressant Wars’

pr47138-640x640-b-p-ffffff

Op ons HWC-blog uit ik nog wel eens kritiek op de industrialisering en vermarkting van het ‘product’ gezondheid. Met name de wijze waarop de farmaceutische industrie bezig is om gezondheid (letterlijk) te verzieken en zoveel mogelijk mensen ‘aan de bij voorkeur gepatenteerde pil’ te krijgen roept bij mij veel weerstand op. Als verpleegkundige zie ik dagelijks de verwoestende effecten van deze strategie: het aantal medicijnen waarmee mensen op onze afdeling  binnenkomen is nog wel eens buitenproportioneel, en dan druk ik me voorzichtig uit.  En dan heb ik het hier over medicijnen voorgeschreven op basis van richtlijnen die gebaseerd zijn op nogal eenzijdig,  regelmatig  vanuit de farmacie geïnitieerd onderzoek en die ‘aan de man’ gebracht zijn door middel van in mijn ogen dubieuze lobby’s, waarin de patiënt, behalve als ‘cash cow’ niet echt centraal staat. De farmaceutische doctrine is ongekend effectief: in de richtlijnen domineren  de chemische interventies, ook daar waar gedrags – of leefstijl interventies minimaal eenzelfde effect zouden hebben. Veel zorgprofessionals denken ook alleen nog maar in chemische oplossingen en evenzoveel patiënten denken ook al  dat alleen de scheikundedoos van de farmacie de oplossing voor al hun kwalen en leed kan betekenen: (“Dokter, ik heb zo’n last van brandend maagzuur als ik een kroket gegeten heb.” “Ik schrijf u wel pantaprozol voor. Kunt u lekker kroketten blijven eten.”)  Dat de pillendraaiers hier dankbaar gebruik van maken is logisch, maar dat zorgprofessionals vervolgens ook de oogkleppen opzetten blijft me een doorn in het oog. En zo zijn we met zijn allen heel geleidelijk afgegleden naar ‘gezondheidszorg uit een, vaak schrikbarend duur, potje. ‘Ben ik dan anti farmacie of anti pil, poeder, drankje of andere toedieningswijze??? Nee hoor, lees maar verder….

Deze blogpost heeft te maken met een paar Tweets (en artikelen) die ik gisteren onder ogen kreeg over ‘The Antidepressant Wars’. ( #1 #2 ) De Tweets waren afkomstig van @drAlanRalston, (“voted funniest Scottish psychiatrist in Holland”) een psychiater die ik zeer bewonder vanwege zijn genuanceerde kijk op (geestelijke) gezondheidszorg en zijn niet aflatende inzet voor een op menselijke maat gestoelde GGZ. (en tegen de marktkoopman op de zorgmarkt.) Met menselijke maat bedoel ik hier een toegankelijke GGZ waarin de patiënt en niet de DSM, de ROM, de richtlijn of de € centraal staat. ‘The Antidepressant Wars’ hebben te maken met de ‘verfarmacologisering’ van de GGZ, in dit specifieke geval ‘het geluk en welbevinden van de mens.’ Big Pharma heeft op het leed dat leven heet de afgelopen decennia een heel imperium gebouwd. Een luchtkasteel dat bestaat uit niets meer dan de belofte dat ‘geluk’ gewoon uit een potje komt. De fundamenten voor dit luchtkasteel werden gelegd in de jaren 60, toen hele volksstammen kennis maakten met benzodiazepines. Toen bleek dat deze ‘leedverzachters’ op de lange termijn toch niet helemaal onschuldig waren, was het al te laat. De verwoeste levens waren niet meer te tellen. Gelukkig hadden de farmaceuten ondertussen niet stilgezeten, de volgende generatie instant geluk deed zijn intrede: de antidepressiva, de paracetamols voor de zielepijn. Want waarom zou je zielepijn lijden als je een pijnstiller kunt slikken? En zo gebeurde het dat middelen die eigenlijk bedoeld waren om depressies te behandelen, ook tevoorschijn kwamen bij burn outs, rouw, verdriet, ontevredenheid, en spanning. Helaas bleken, net zoals de benzo’s, ook deze middelen niet zo onschadelijk als  de ‘geluksmakers’ beweerden: een niet te verwaarlozen aantal patiënten kreeg te maken met impulsdoorbraken waarbij suïcide geen uitzondering was. En ook bij deze middelen bleek er sprake te zijn van onttrekking en  afhankelijkheid. Ondanks deze niet misselijke iatrogene effecten blijven deze middelen de richtlijnen domineren en wordt de GGZ verder ontmanteld. Want waarom zou je vanuit een holistisch en integraal perspectief met patiënten aan de slag gaan als de oplossing gewoon in een potje zit?

Het is dan ook niet vreemd dat de kritiek op de farmaceutische industrie de laatste tijd fors toeneemt: er worden beloften gedaan die niet waargemaakt kunnen worden, de iatrogene effecten (soms zelfs al in de onderzoeksfase bekend) worden weggemoffeld, er wordt gestrooid met geld en kadootjes en niet de patiënt, maar het winstmodel staat centraal. Soms gaat men letterlijk over lijken. En neemt noch Big Pharma, noch een groot deel van de zorgprofessionals haar verantwoordelijkheid voor de gezondheid van ‘hun’ patiënten. Het feit dat er gesproken wordt over ‘The Antidepressant WARS’ is in dat opzicht veelzeggend. Big Pharma voert een oorlog en het aantal onschuldige slachtoffers is enorm. Hoe meer mensen afhankelijk worden van medicatie, ook voor kwalen die niets met pathologie te maken hebben, hoe beter. En degenen die de (potentiële) slachtoffers zouden moeten beschermen, schieten te kort, om welke reden dan ook..

Natuurlijk ben ik niet tegen de farmaceutische industrie, ik ben ook niet tegen behandeling met farmaca. Als je het hebt over antidepressiva heb ik ook het levensreddende effect van bijvoorbeeld antipsychotica en antidepressiva te vaak gezien om ze weg te zetten als overbodige producten. Ik heb ook de ellende van de bijwerkingen en / of teleurstelling als het middel niet deed wat de farmaceut / psychiater beloofde, gezien. Waar ik me vooral zorgen om maak is het te pas en te onpas gebruik van deze middelen, ook als er andere opties aanwezig zijn, of sterker nog, als andere opties veruit te prefereren zijn.  Zorgen maak ik me ook door de monopolisering  van ‘gezondheid’ door de farmaceutische industrie. En door het misbruik van die monopoliepositie door het vragen van exorbitante bedragen voor hun producten. En het ontlopen van de verantwoordelijkheid voor daadwerkelijke gezondheidszorg, waarin primaire en secundaire preventie steeds meer ondergeschikt raken aan de peperdure en regelmatig ook iatrogene oplossing uit de chemische fabriek.

Zelf ben ik overigens een trouw gebruiker van ‘geluk uit een potje’. Ik denk zelfs dat het mijn leven ooit gered heeft. Eind jaren 90 ging bij mij, ik was toen 36, in vrij korte tijd ‘het licht uit’. Achteraf terugkijkend op mijn leven voor die tijd was het licht sinds mijn 20e regelmatig wat zwakjes geweest, maar daar had ik nooit echt heel veel aandacht aan besteed. Mijn huisarts hield het op een burn out en gaf me het advies om het rempedaal in mijn leven wat vaker te hanteren. Hoe harder ik echter op de rem trapte, hoe beroerder ik me ging voelen en toen ik de lantarenpalen langs de snelweg ging zien als meer dan hulpmiddelen om in het donker de weg te kunnen zien, kwamen we toch uit op de diagnose depressie. De dokter schreef me paroxetine voor en zo snel als het licht was uitgegaan, ging het weer aan, sterker nog, ik baadde in het licht en kon de hele wereld en meer weer helemaal aan. Sterk spul!!! Als redelijk ervaren verpleegkundige, gehuwd ook met een redelijk ervaren verpleegkundige gingen er ondanks het geweldige gevoel toch wat alarmbellen af en besloot ik in overleg met de huisarts de dosering wat aan te passen. En jawel, na een maandje was ik weer waar ik zo’n beetje moest zijn, terug op planeet Aarde en redelijk stabiel. Dat bleef een jaartje goed gaan. Tijd dus om het maar weer eens zonder instant geluk te proberen. Dat viel niet mee. Niet dat ik op stel en sprong weer lid werd van het Sombermans gilde, maar de onttrekkingsverschijnselen van het goedje waren niet voor de poes en die lieten zich niet zomaar verdrijven. Op dat moment was er nog niet heel veel bekend over onttrekking bij SSRI’s, laat staan dat het woord ‘afhankelijkheid’ genoemd werd. Dus de conclusie was dat een nieuw optreden van de Depressieband was gewenst. Snel weer aan de paroxetine. Dit keer viel het middel iets anders: agitatie, vreselijke onrust, gejaagdheid, prikkelbaarheid en dat soort leuke bijwerkingen. Ik zei het al: sterk spul!!! Ander middel dan maar. De keus viel op sertraline. Gelukkig ging dat een stuk beter: geen rare bijwerkingen, geen ‘on top of everthing’, gewoon weer mijn rustige, stabiele ouwe ik.

Ondertussen leven we in 2016. Ik heb inmiddels 4 pogingen gedaan om het weer ‘op eigen kracht’ te doen. Alle pogingen mislukt: er is geen doorkomen aan de onttrekking: eerst een paar weken elektrische schokken door mijn hoofd, samen met het gevoel alsof ik in plaats van hersenen watten in mijn schedel heb (wellicht is dat ook zo) en, dat is het ergste, een lijf dat aanvoelt alsof het uitgeput is. Op het moment van stoppen loop ik met twee vingers in de neus gemiddeld 60 km per week redelijk hard. Na 2 weken voelt 5 km hardlopen aan alsof ik een marathon loop met in plaats van spieren lood in mijn lijf. Mijn stemming blijft normaal en ik verval niet in het depressieve scenario. Dit houdt allemaal pas weer op zodra ik weer start met sertraline.

Ik heb me er inmiddels maar bij neergelegd dat ik er een partner voor het leven bij heb. Het is geen ware liefde, maar een soort verstandshuwelijk. Het is niet anders……

De moraal van dit verhaal: blijf, zowel als zorgprofessional als zorgconsument, kritisch kijken naar wat de pillendraaiers doen. Ze hebben de wereld veel goeds gebracht. Als ze daadwerkelijk de patiënt als uitgangspunt nemen en hun verantwoordelijkheid verleggen van hun aandeelhouders naar daadwerkelijke gezondheidszorg voor iedereen, dan kunnen ze de wereld nog veel meer moois brengen.

LV

Advertisements

Author: hwc2016

Blog over Zorgen met Zorg - veilig - met verstand -met (com)passie - humaan - kritisch - constructief

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s